| | | |
| |  |
|
Nachtvlinders zijn massaal aanwezig in het Fochtelooërveen. Om ze ook te kunnen zien, dat is een ander verhaal. Wél kunnen we genieten van veel rupsen van de nachtvlinders, ook al zijn er veel alleen 's nachts actief.
Er komen hier zeer zeldzame nachtvlinders voor die elders in Nederland niet meer of nauwelijks nog voorkomen. Ze zijn erg kwetsbaar. Eén van die zeer zeldzame verschijningen is het Eikenblad. De vlinder is eigenlijk overdag niet te vinden, de rups met heel veel geluk.
|
 |
In het late najaar, tegen de winter, zijn het hele kleine rupsjes.
In dit geval hooguit twee centimeter.
Het zijn enorme rupsen als ze volgroeid zijn, maar hebben een prima camouflage. |
 |
| Deze volgroeide rupsen zullen snel gaan verpoppen. Als rups al lastig om te vinden, als vlinder helemaal. |
|
De paring van Eikenbladeren, wordt mede door de zeldzaamheid van de vlinders, weinig waargenomen.
|
 |
 |
Rupsen die veel gezien worden en ook veel voorkomen in Nederland zijn de rupsen van de Grote beer vlinder. De rupsen moeten ontweken worden, ze lopen in een rap tempo over de wandel- en fietspaden, niet te missen deze harige beesten. De haren kunnen irritaties veroorzaken, dus als U hem al aan de kant wilt zetten, misschien met behulp van een blaadje of takje.
|
|
De Hageheld, een gewone soort die veel voorkomt in het Fochtelooërveen. De vlinder is nauwelijks waar te nemen overdag, de rups daarentegen is regelmatig te zien. De rups zit graag in het zonnetje en kan tot wel zeven centimeter groot zijn. De haren kunnen huidirritatie veroorzaken.
|
 |
De rupsen van de Nachtpauwoog zijn schitterend. Net uit het eitje zijn ze zwart, na de eerste vervelling heel fris groen. |
|
De volwassen rupsen zijn ook groen met gele of rose "dotten" op het lijf. De Nachtpauwoog is in Nederland een niet zo gewone soort. In het Fochtelooërveen zijn ze heel regelmatig te zien.
|
 |
Links het vrouwtje van de Nachtpauwoog zoals deze weleens overdag aan te treffen is.
Rechts de ei-afzet.
|
 |
De Bruine metaalvlinder, een zeldzame verschijning.
Ze hebben een verborgen levenswijze. Door de gereduceerde roltong kunnen ze geen voedsel opnemen. Hierdoor zien we ze niet op bloemen.
De kleine rupsjes zitten in de waardplant, Struikheide, waardoor ze ook lastig te zien zijn. |
 |
 |
De rupsen van de Sint Jacobsvlinder zijn met velen aanwezig, de vaak welbekende "zebra rupsen", zwart met geel. Deze leven op het Sint Jacobskruiskruid, de waardplant.
|
|
De Sint Jacobsvlinder vliegt wel op als ie gepasseerd wordt, niet te missen met de rode binnenkant van de vleugels.
|
 |
|
De Rietvink, ook een nachtvlinder waarvan de rups overdag te zien is, soms ook de vlinder zelf en met wat geluk net bezig met de ei-afzet.
De rups heeft een prachtige kuif op z'n kop en wordt ook wel Drinker genoemd vanwege de dauwdruppeltjes aan stengels die hij drinkt. De pop is wat papierachtig en zit vaak tegen een stengel aan of in de heide. Heel herkenbaar en vrij groot.
|
 |
Nog een zeldzame soort is de Grauwe borstel. De vlinder is redelijk saai in tegenstelling tot de rups. Dit gaat ook vaak op bij de nachtvlinders. Voor veel mensen saaie "motten" oftewel nachtvlinders, maar de rupsen zijn vaak prachtig!
|
|
De Heideringelrups. Ook een zeldzame soort, in tegenstelling tot de gelijkende Ringelrups. Het is een kluitje rupsen bij elkaar totdat ze groot genoeg zijn, daarna leven ze solitair.
|
 |
|
Er zijn nog vele soorten meer te vinden, dit is een "greep uit het Fochtelooërveen".
|
|
|
| |
| |
|